De grote opdracht

Aan het einde van de evangeliën van Mattheüs en Marcus geeft Jezus een laatste opdracht mee aan zijn discipelen. Je zou het kunnen zien als hetgeen dat Hij als de meest belangrijke focus wil meegeven voor zijn volgelingen om zich op te richten nadat Hij als fysiek mens wordt weggenomen van deze aarde.

In het evangelie van Mattheüs legt Hij de nadruk op het maken van discipelen, de doop en het geven van onderwijs. In het evangelie van Marcus wordt de nadruk meer gelegd op het verkondigen van het evangelie, de doop en de tekenen welke de gelovigen zullen volgen:

En Hij zeide tot hen: Gaat heen in de gehele wereld, verkondigt het evangelie aan de ganse schepping. Wie gelooft en zich laat dopen, zal behouden worden, maar wie niet gelooft, zal veroordeeld worden.

Markus 16:15-16

De grote opdracht, ook wel het zendingsbevel genoemd, bestaat dus uit:

1) Het verkondigen van het goede nieuws (het brengen van het evangelie)

2) Het dopen van degenen aan wie het evangelie gebracht wordt en dit geloven

3) Hen onderwijzen met de woorden van Jezus, zodat zij tot discipelen gemaakt worden!

Het originele Griekse woord dat in het nieuwe testament voor discipel gebruikt wordt is het woord: mathētēs. Dit woord betekent simpelweg pupil, leerling ofwel discipel.

In het evangelie van Marcus geeft Jezus ons een opsomming van alle tekenen die de gelovigen zullen volgen bij het uitvoeren van de grote opdracht en het evangelie van Mattheüs sluit af met de volgende belofte:

“En zie, Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding der wereld.”

Ik wil een ieder die zich als een volgeling van Jezus beschouwt bemoedigen om deze laatste woorden van Jezus ter harte te nemen door in actie te komen en zich daarbij vast te houden aan de belofte dat Hij met ons zal zijn, tot de voleinding van deze wereld!

Wil je weten hoe je dit praktisch kunt maken? Bespreek het in de Connect groep van de community!